Ik geloof niet in toeval ; ik sta met beide benen goed op de grond en ik ben er ook van overtuigd dat alles wat je in het leven tegenkomt een reden heeft.
Ook deze vakantie bewijst dat weer. Wat is er namelijk gebeurd? Deniz en ik staan in gezelschap van alle Nederlanders die in hetzelfde vliegtuig zaten op het vliegveld van Caïro te wachten op de afhandeling van de visa als één van die Nederlanders, een overigens aimabel uitziende man van dik 50+, zich omdraait en zegt: “we hebben straks wel een gids, maar wij en niemand anders bepalen waar we naar toe gaan en wat we daar gaan doen”. Ik stoot Deniz aan en fluister in zijn oor: “Die man zit in het onderwijs, nee nog beter: hij is een schooldirecteur; ik weet het zeker”.
Sinds ik in januari 2009 de overstap van particulier bedrijfsleven (en ondernemerschap) inruilde voor een baan als beleidsmedewerker in het onderwijs, roep ik minstens 1x per werkdag tegen mijn collega’s dat ze ‘zooooo onderwijs zijn’, duidend op de aan anarchie grenzende eigenwijsheid, die overigens altijd gecombineerd wordt met een aimabel e glimlach.
Als we een dag later meer de tijd hebben gehad om elkaar te vertellen waar je vandaan komt en wat je in het dagelijks leven doet, de nornale start van elke groepsreis, blijkt dat slechts 2 van 15 reizigers niet in het onderwijs werken. Ik tel de schoolgaande jongeren (5 in totaal) voor het gemak even mee bij de onderwijsmensen.
Dat is geen toeval, vertel ik mezelf. Deze reis wordt een openbaring of het moment dat ook ik totaal kopje onder ga en me verenig met het onderwijsveld. Het doel lijkt me helder: deze mensen komen op mijn pad opdat ik me nooit meer zal distantiëren van mijn collega’s, wedden?
Geplaatst door: |