Het aller leukst van deze reis is de afwisseling. Na 4 dagen woestijn, met overigens oases zo groot als een provincie en met 100.000 inwoners, doemt de skyline van Aswan op. De stad wisselt nu niet allen de woestijn af, maar ook de bus blijft even staan. Vanaf hier gaan we namelijk met een traditionele zeilboot, een felluka, de Nijl af richting Kom Ombo.
Aswan is een typische stad, waar twee grote bevolkingsgroepen in pais en vree met elkaar samenleven: de Nubiërs en de Egyptenaren. Een tikkeltje brutaler dan in Caïro zijn ze wel, maar het kopen van een peshmina (een shawl) is niet alleen modisch, ook thuis, maar wat mij betreft ook een vorm van humanitaire hulpverlening, maar dan één op één. Ik heb de teller op 5 peshmina’s staan, maar het worden er vast meer. Aswan lijkt op Afwan, maar dat laatste betekent “Niets te danken”in het Arabisch en vormt dus het vaste antwoord op “Shoekran”.
Vanuit Kom Ombo werd koers gezet naar Luxor, uiteraard deden we onderweg nog wel een tempeltje aan. Vanuit het net geen 200 km verderop gelegen Luxor zullen we per nachttrein terug naar Caïro reizen, om vandaar uit – een dag later – richting Dahab te vertrekken, waar we de kamelen zullen bestijgen voor een 2 daagse trektocht door de Sinaï-woestijn. Modaliteiten te over dus. Met dank aan Shoestring, die dit allemaal perfect regelt.
Laatste reacties