We hebben in Rotterdam 2 parken. Eén, mijn favoriet, is al jarenlang het mooiste park van Nederland. Het is ‘het park bij de Euromast’, eigenlijk alleen ‘het park’. Ik leerde er, omdat ik onder de rook van de Euromast ben geboren en getogen, tongzoenen en nog meer …
Het andere park is het Zuiderpark, dat op de andere, door mij niet zo geliefde, Maasoever ligt, maar dat op zich geen lelijk park is. Ik kom er zelden. Net als in De Kuip, moet er een muzikale aanleiding zijn om er naar toe te gaan.
Elk jaar, op het einde van mei/begin juni, vindt in ‘het park’ Dünya plaats, een voortzetting van Poetry Park. Het is een multicultureel festival met de Capital C van cultureel, want poëzie, proza en muziek uit alle windstreken staan die dag centraal. Het regent altijd tijdens Dünya (behalve dit jaar dan), maar dat is puur om je hoofd erbij te houden: hoe internationaal en oriëntaal het festival, inclusief het eten en drinken ook is: je bent in Rotjeknor hóór!
Elk jaar in het eerste weekend van juli vindt in het Zuiderpark Metropolis plaats, een muziekfestival waar je een hiphop liefhebber en een gothic gebroederlijk naast elkaar ziet liggen in het gras. Waar je alternative hoort op stage 1, terwijl op het naastgelegen podium de instrumenten van een reggae-band worden opgeruimd. Waar Winne rapt als de The Asteroids Galaxy Tour uitgespeeld is, waar de Prodigy, maar ook Kubus en BangBang ooit stonden voordat ze doorbraken. Nooit is er iets mis gegaan op beide festivals. Hoe divers het publiek van beide festivals ook; de muziek verbroedert de massaal toegestroomde liefhebbers al jaren lang. Mooier kan de wereld niet zijn: zo veel verschillen, zo veel pais en vree. Zelfs Lowlands (ook heel lief, maar bij lange na niet zo multicultureel) kan hier niet tegenop.
Dit jaar ging het wel mis bij en ander festival: Summer Grooves in Hoek van Holland. Dit Dancefestival trekt met name het z.g. sportschool publiek, overwegend blank en in Vinexwijken, zoals Ommoord en Randsteden, wonende jongeren, die vooral óók van voetbal houden. Het ging mis, goed mis tijdens dit festival. Het gevolg is stuitend: Dünya en Metropolis betalen de tol voor de grove fouten die door de politie naar aanleiding van stuitend Hooligangedrag, zijn gemaakt.
Onze Marokaanse burgemeester bleek geen ‘Rotterdamse Obama’, maar een kortzichtig politicus, die in een provinciehoofdstad, ergens in het Oosten van het land, niet zou misstaan, maar in multiculti 010 absoluut niet thuis hoort.
Peter R. de Vries, jullie kennen mijn gevoelens jegens deze narcist – om maar meteen de teerling te werpen – heeft het weer voor elkaar: vanavond zal het aantal kijkers naar zijn programma weer alle kijkcijfers overstijgen, want hij heeft met verborgen camera vastgesteld dat medewerkers van de politie, die de verkeerswetgeving handhaven, zelf deze regels overtreden. Tja, niets menselijks is hen vreemd, al zou je het omgekeerde vermoeden. Toch had ik zelf jaren geleden al een akkefietje van gelijke strekking, luister …
We schrijven 1993, ik ben ondernemer en de zaken gaan zo goed dat er een auto in een hogere klasse wordt aangeschaft, die het oude barrel waarmee we zijn gestart vervangt. Het dan als muisstil in de markt gezette Mazdamodel 626 – met elektrisch bediende ramen, toen nog geen usance – wordt aangeschaft en in de eerste 2 weken rijd ik een kleine 500 gulden aan boetes wegens snelheidsovertredingen bij elkaar. De Mazda is namelijk zo muisstil dat ik me niet gewaar ben van snelheden die tot 180 km/u reiken, daar waar het oude barrel mij allang het sein zou hebben gegeven het volume van de autoradio vooral op te schroeven wegens gerammel en geruis. Balend van de kapitaalvernietiging neem ik me voor om nooit en te nimmer meer te snel te rijden, totdat …
Ik de volgende morgen al de A12 bij Gouda oprijd en constateer dat over 3 banen het vrachtverkeer elkaar nauwelijks inhalend mij in feite de doorgang met de toegestane snelheid van 120 km/u belet. Op het korte stukje vierde baan, besluit ik gas te geven – nog één keer dan, bij uitzondering – tot 140 km/uur om zo de brede colonne te omzeilen om vervolgens braaf de A12 te kunnen vervolgen. Al doende echter, zie ik in mijn achteruitkijkspiegel slechts één koplamp met een noodgang mij tegemoet komen. Ik besef dat ik de zoveelste vooroordeelonderschrijvende dame ben, die weliswaar aan het inhalen is, maar op de meest linkerbaan met veel te weinig snelheid om de echte mannen in het verkeer ruim baan te geven en geef dus nog even tikkie gas bij, tot 160 km/u om zo kort mogelijk de motorrijder te hinderen.
Als ik eenmaal ingesorteerd ben naar de meest rechter rijstrook, blijkt – je raadt het al – dat het geen stoere leatherboy op de motor betreft, maar een medewerker van de rijkspolitie … Hij seint met zijn rechterarm dat ik naar de vluchtstrook met uitvoegen. Ik heb zwáár de pest in; er wacht me immers toch weer een boete!
Op de vluchtstrook open ik (voor het eerst van mijn leven) met een subtiele druk op een knopje het raam in het portier, een vlaag van rijkdom en macht lijkt daardoor bezit van me te nemen. De agent , die zijn helm heeft afgenomen, buigt – de helm onder zijn rechterarm gevat – naar het raampje en opent het gesprek met: ‘goedemorgen mevrouwtje’. Nu neemt een vlaag van ongetemde feministisch strijdgewoel bezit van me en ik reageer even badinerend met: ‘goedemorgen agentje’.
Zijn ogen knipperen en dat is het sein waarop ik de rode lap zie, in een stier verander en de verbale aanval inzet. Met mijn arm over het raampje hangend vertel ik hem het volgende:Wilma van Raamsdonk: Een schrijvende reiziger, een reizende schrijver, maar nu nog even niet ...
Laatste reacties