Ivo Opstelten en ik: wij hebben iets gemeen. En dat mag ook wel, want we hadden, toen ik tweeënhalf jaar geleden – zomer 2006 – bij het toenmalige The Public Opinion kwam werken, een anekdotische ontmoeting.
Ik was nog maar net in dienst als in New Business gespecialiseerde account manager toen ik aanwezig diende te zijn bij een Ondernemersontbijt in het centrum van Rotterdam.
Door jarenlang, op het sabbaticaanse af, lanterfanten, was ik in die dagen geen ochtendmens en dus meldde ik mij veel te laat bij de receptie van dit evenement. Op het podium bevond zich onze burgervader en alle aanwezigen luisterden aandachtig. Om die reden wilde ik snel ergens achterin aanschuiven, maar ik werd meegenomen naar een tafel vlak voor het podium waar nog precies één plek vrij was.
Ik nam, hoogst verbaasd, plaats naast een plek waar een broodje met één hap eruit op een bordje lag en een kopje koffie, half leeg, wachtte op zijn rechtmatige consument en genoot van de sonore
stem van Opstelten, die op het podium zijn speech oreerde.
Nadat Ivo het applaus in ontvangst had genomen, daalde hij weer af tot de ontbijtende ondernemers en nam, tot mijn blijde verrassing, plaats op de stoel direct náást me. Het nieuwe gezelschap aan zijn rechterzijde begroetend, bestudeerde hij ook de badge, die ik procedureel opgespeld had gekregen en sprak de onvergetelijke woorden: ‘Zo mevrouw Van Raamsdonk van the Public Opinion, steekt u maar van wal met uw vragen’.
Ik was compleet flabbercasted vanwege de eer die mij zo maar te beurt viel en stotterde iets in de trant van: ik zou veel willen vragen, maar waaraan had ik de spontane uitnodiging te danken?
De verklaring was even logisch als hilarisch, want zo sprak Opstelten: ‘U bent toch van een links opinieblaadje?’
Sinds die ochtend kwamen we elkaar regelmatig tegen tijdens talloze netwerkbijeenkomsten en presentaties en mocht ik altijd rekenen op een kordaat knikje ten teken van herkenning.
Vandaag is het zover: mijn laatste dag bij TPO Studios – de nieuwe naam voor the Public Opinion sinds november 2006 – terwijl Ivo in het stadhuis, hier een eindje verderop ongeveer met dezelfde gevoelens zal rondlopen. Ik ga per 1 januari aan de slag bij het LMC, hij bij de VVD. We zullen elkaar waarschijnlijk nooit meer treffen.
Al twaalf jaar lang publiceert Trouw de resultaten van de schoolinspectie: de schoolprestaties. Het Rotterdamse GK van Hoogendorp (VMBO) kwam als een van de beste naar voren. http://www.trouw.nl/video/?clip=1924093
ShockTillYouDrop.com reports that filming began in Toronto this week on Rob Stefaniuk's vampire horror-comedy "Suck". The production boasts an impressive cast of rockers like Alice Cooper, Iggy Pop, Moby, Henry Rollins, Alex Lifeson, Dimitri Coates and Carol Pope. Even Cooper's daughter, Calico, has jumped on board.
Written and directed by Stefaniuk, "Suck" is about a group of musical wannabees in search of immortality and a record deal. The rock band THE WINNERS have sunk so low, they will do anything to make it big. After a life-changing encounter with a vampire, they rocket to stardom only to discover that fame and fortune are not all they’re cracked up to be.
Read more from ShockTillYouDrop.com.
Het is een goede gewoonte van me in tijden van dilemma’s: mijn definitieve keuze uitstellen tot het moment dat ik, na een goede nachtrust, de volgende ochtend wakker word. De optie die mij dan het eerst te binnen schiet, daar kies ik dan voor. Ik heb er een heel wetenschappelijke onderbouwing voor bedacht; immers de emoties ( positieve als in romantiseren, maar ook negatieve zoals zelf gecreëerde donkere wolken) zijn dan nog niet aan het onderwerp verbonden en bovendien is de geest dan nog onvermoeid, dus helder.
Gelukkig zijn er niet elke dag dilemma’s aan de orde en dus moet je iets anders bedenken om het eerst te doen als de wekker gaat. Dat wisselt tussen een lied wat mij spontaan te binnen schiet (ooit was dat zelfs het Wilhelmus, waarmee ik mezelf - als republikein - nogal verbaasde, totdat ik tijdens het ochtendnieuws vernam dat Koningin-moeder Julia die nacht was overleden) of een woord.
Vanmorgen was dat woord: druiprek. En dat is raar. Ik heb er namelijk geen en ook nog nooit gehad. Ik heb al sinds mijn puberteit een ongelofelijke hekel aan afwassen. Daarom bezit ik al zo lang als ik me kan herinneren een vaatwasser. De eerste was een enorm bakbeest, dat feitelijk niet eens in de zeer kleine keuken van mijn ‘huisje-onder-de-huurwaarde’ – zoals eind 70-er jaren de etagewoningen in het Rotterdamse, die je voor onder de 100 gulden per maand kon huren werden genoemd.
Maar goed, sinds het wekkermoment van vanmorgen loop ik dus met het woord ‘druiprek’ in mijn hoofd. Ik besloot het te onderzoeken:
DRUIPREK
-uitlekstandaard
DRUIPREK
Een `druiprek` of `afdruiprek` is een hulpmiddel bij de afwas. Het gewassen serviesgoed, pannen of bestek kunnen op een droogrek worden neergezet zodat dit kan opdrogen en worden weggezet, eventueel na het gebruik van een theedoek.
foto: (c) Madoz
De Fransen zonder vaatwasser gebruiken een égouttoir, de Engelstaligen een drainer, zo leert een snel rondje Babelfish. In het Arabisch schrijf je المصرف, de Italianen doen het met een scolapiatti, de Zweden zetten hun pas gewassen bordjes in een diskställ. De Spanjaarden, daarentegen, leggen hun tapasschaaltjes in een escurridero, hun Portugese buren gebruiken een escorredor. Onze buren, de Duitsers, zetten hun afwas liever in een Abtropfständer.
Even googlen op ‘druiprek’ levert geen wereldschokkende resultaten op en zeker geen waarvan ik de achterliggende bedoeling van die eerste ingeving vanmorgen kan rechtvaardigen. Rest mij de onrust bij de gedachte dat als ik vanavond de afwas in de vaatwasser zet, deze kapot blijkt te zijn.
Wilma van Raamsdonk: Een schrijvende reiziger, een reizende schrijver, maar nu nog even niet ...
Laatste reacties